De NOW-steun werd in het voorjaar van 2020 met stoom en kokend water opgezet. Hoe kijk je op die beginperiode terug?

‘Het was een heel heftige tijd, waar we als NOW-team dag en nacht aan het werk waren. Ook in het weekend en tijdens nationale feestdagen. Maar er is geen enkel moment geweest dat iemand hier over klaagde. Sterker nog, iedereen – inclusief ikzelf – was juist dankbaar om aan het werk te mogen. Terwijl de hele wereld stil stond, konden wij juist iets nuttigs doen: ervoor zorgen dat werkgevers van een financieel voorschot werden voorzien zodat zij hun werknemers konden behouden en betalen.’

Welk moment uit die tijd staat je nog het meeste bij?

‘Ik denk dan direct aan 6 april 2020. Op die dag kregen werkgevers voor het eerst de mogelijkheid om de NOW aan te vragen. Ik zie ons als crisisteam die dag nog om half zeven ’s ochtends bij elkaar zitten. Het was muisstil. Je voelde de spanning toen de projectmanager ICT vlak voor de opening van het loket alle leveranciers afging met de vraag 'ben je er klaar voor?'. Gelukkig beantwoordde iedereen die vraag met 'ja'; iedereen had keihard gewerkt om het te doen slagen. En dat deed het ook! Het systeem kon de vele NOW-aanvragen direct aan en ook de verwerking ging goed. Binnen vier dagen kregen de eerste werkgevers al een financieel voorschot uitbetaald.’

Hoe reageerden werkgevers op de NOW-steun?

‘In het begin waren alle werkgevers heel dankbaar. Maar gaandeweg werd er door deze groep soms wat gemopperd. Dat hadden we ingecalculeerd. Want hoe je het ook wendt of keert, je kan het nooit voor iedereen goed doen. Als UWV willen we iedereen graag helpen en bekijken alle mogelijkheden, maar de NOW is uiteindelijk een regeling, daar zitten grenzen aan. Het gevolg is dat je soms werkgevers moet teleurstellen. Dat is en blijft moeilijk.’

Wat heeft de NOW UWV als organisatie gebracht?

‘De NOW heeft heel veel los gemaakt binnen de organisatie. Medewerkers, afkomstig uit alle geledingen binnen UWV, zijn samen met afgevaardigden van het ministerie van Sociale Zekerheid en Werkgelegenheid noodgedwongen op een trein gesprongen en hebben intensief samengewerkt. Dit zorgde niet alleen voor veel saamhorigheid, maar ook brachten we het beste in elkaar naar boven. We hadden namelijk een gezamenlijk doel voor ogen: werkgevers financieel steunen om banen te behouden. UWV en het ministerie hebben in feite elkaars hand vastgepakt en gezegd: we gaan dit doen. En dat doen we vandaag de dag nog steeds. Dat is én blijft onze kracht.’

Waar ligt momenteel jullie focus op nu het aanvragen van de NOW niet meer mogelijk is?

‘De focus wordt verlegd naar het vaststellen van de definitieve tegemoetkoming. Krijgen werkgevers nog een nabetaling van ons of moeten wij geld terugvorderen? Indien dat laatste het geval is, dan moeten we goed kijken in welke situatie die werkgevers zitten. Want: de coronacrisis lijkt dan wel voorbij, maar voor veel werkgevers is dat nog niet het geval. Die zijn nog aan het opkrabbelen en daardoor onvoldoende in staat om die terugbetaling al te doen. Daar moeten wij, als overheidsorganisatie, begrip voor hebben. De menselijke maat toepassen in dergelijke situaties is essentieel.’