Joost Brouwer, lid van de raad van bestuur van UWV: ‘Mensen die langdurig ziek zijn en werkgevers hebben er belang bij om tijdig duidelijkheid te krijgen over een uitkering. We doen ons uiterste best om die duidelijkheid snel te bieden, maar wij kampen structureel met meer aanvragen naar sociaal-medische-beoordelingen dan we aankunnen. Daarom moeten we keuzes maken in de inzet van de beschikbare beoordelingscapaciteit.’

UWV is samen met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid op zoek naar oplossingen en die vragen tijd. Brouwer: 'Dit betekent dat we helaas niet de mogelijkheid hebben om alle aanvragen voor sociaal-medische (her)beoordelingen tijdig op te pakken. Van deze samenwerking en gerichte aanpak gaan ook een preventieve werking uit; UWV zet in op tijdige beoordelingen van kansrijke dossiers, waardoor de werkgever die eigenrisicodrager is gerichter aan re-integratie kan blijven werken.’

Werkgevers die ervoor gekozen hebben zich niet via UWV te verzekeren en daardoor eigenrisicodrager zijn, moeten wel hun sociaal-medische beoordelingen bij UWV laten doen. Door de toegenomen vraag naar sociaal-medische beoordelingen betekent dit onder andere voor werkgevers die zelf het risico dragen voor de Ziektewet dat hun Eerstejaars Ziektewetbeoordelingen in veel gevallen niet of niet tijdig kunnen worden uitgevoerd.

UWV blijft ervoor kiezen om de beschikbare capaciteit zo effectief mogelijk in te zetten. Daarbij ligt de focus op beoordelingen waarbij de kans groot is dat mensen uit de Ziektewet kunnen en kunnen re-integreren.

Om dit mogelijk te maken, is op 1 mei 2026 de pilot 'Samenwerkingsafspraken eigenrisicodragers Eerstejaars Ziektewetbeoordelingen' gestart. In deze pilot werken UWV en drie private uitvoerders van een groot aantal eigenrisicodragers samen aan een werkwijze waarbij vooraf wordt beoordeeld welke aanvragen het meest kansrijk zijn om tot uitstroom uit de Ziektewet te leiden.

De eerste resultaten zijn positief. Tot en met medio september 2026 zijn bijna 1.500 aanvragen ingediend. Daarvan zijn 1.200 aanvragen doorgezet voor een sociaal-medische beoordeling. Inmiddels zijn 364 beoordelingen afgerond, waarbij in 55 procent van de gevallen sprake was van uitstroom uit de Ziektewet. Deze ervaringen bevestigen dat een gerichte aanpak kan bijdragen aan een gerichter gebruik van de schaarse sociaal-medische capaciteit. Vóór deze aanpak bedroeg de uitstroom 33 procent. Met de afspraken over deze aanpak, waaronder een complete intake en heldere terugkoppeling, is de gezamenlijke ambitie om te werken naar een uitstroom van 75 procent.

Voor een gelijke behandeling van alle werkgevers die eigenrisicodrager zijn, werkt UWV in oktober aan het beschikbaar maken voor alle eigenrisicodragers, zodat zij per 1 november hun meldingen kunnen doen.

Daarbij blijft gelden dat niet alle aanvragen kunnen worden beoordeeld. Voor 2026 stuurt UWV op 3.400 Eerstejaars Ziektewetbeoordelingen voor eigenrisicodragers voor de Ziektewet. UWV draagt zorg voor capaciteit voor deze beoordelingen en maakt het mogelijk om te blijven sturen op tijdige beoordelingen van kansrijke dossiers.

Werkgevers krijgen binnen deze werkwijze een belangrijke rol. Zij leveren aanvragen volledig en digitaal aan, voegen de benodigde medische informatie toe en beoordelen vooraf of een aanvraag voldoet aan de door UWV vastgestelde criteria voor kansrijkheid om tot uitstroom uit de Ziektewet te leiden. UWV controleert vervolgens de aangeleverde gegevens, zodat eventuele aandachtspunten met de werkgever besproken kunnen worden. Dit leidt tot een betere afhandeling van de aanvraag en sociaal-medische beoordeling door de verzekeringsarts.

Joost Brouwer: ‘De uitbreiding van dit initiatief sluit aan bij de ambitie van UWV om cliënten meer centraal te stellen en samen met werkgevers te zoeken naar oplossingen die in de praktijk werken. De werkwijze verandert de wettelijke verantwoordelijkheid van UWV niet en biedt binnen de huidige omstandigheden de mogelijkheid om gerichter de kansrijke beoordelingen uit te voeren dan anders mogelijk zou zijn. Daarmee krijgen meer cliënten en werkgevers duidelijkheid over hun situatie en kan de beschikbare beoordelingscapaciteit worden ingezet waar deze de meeste impact heeft. We blijven ons onverminderd inzetten om de mismatch in de sociaal-medische dienstverlening te verkleinen en de dienstverlening verder te verbeteren. Daar draagt deze vorm van publiek-private samenwerking aan bij. Daarmee is dit één van de initiatieven om samen maatschappelijke resultaten te bereiken, in de complexe keten van dienstverlening voor mensen die ziek of arbeidsongeschikt zijn.