UWV beoordeelt en berekent het recht op LKV per fiscaal nummer, RSIN en bsn van de werknemer. Het is belangrijk dat de werkgever het bsn van de werknemer in de loonaangifte zet. Zonder deze informatie kunnen wij de aanvraag niet verwerken.
Zo vult een werkgever de aangifte loonheffingen in om het LKV aan te vragen:
- De ‘Indicatie aanvraag loonkostenvoordeel doelgroep banenafspraak’ en/of de ‘Indicatie aanvraag loonkostenvoordeel herplaatsen arbeidsgehandicapte werknemer’ zijn ingevuld met ‘J’. Dit moet voor elk aangiftetijdvak zijn ingevuld waarover de werkgever LKV wil ontvangen.
- De ‘Indicatie verzekerd ZW’, ‘Indicatie verzekerd WAO/IVA/ WGA’ of ‘Indicatie verzekerd WW’ zijn ingevuld met ‘J’. De werknemer moet namelijk verzekerd zijn voor één of meerdere van deze wetten.
- De code soort inkomstenverhouding moet zijn ingevuld met 11, 13 of 15.
Tot en met 1 mei kan de werkgever bovenstaande indicaties in de aangifte loonheffingen invullen met ‘J’.
Voor de berekening van de hoogte van het LKV tellen de verloonde uren mee van de aangiftetijdvakken waarin de werkgever recht heeft op LKV. Verloonde uren zijn de uren die in het contract van de werknemer staan. Dus ook uren waarin de werknemer ziek is of verlof heeft. Ook betaald meerwerk en overwerk vallen onder de verloonde uren.
Bij de berekening van het aantal verloonde uren bij de werkgever gaan wij uit van de gegevens in onze Polisadministratie. De verloonde uren worden in de aangifte loonheffingen afgerond op hele uren.
De hoogte van het LKV per verloond uur voor elke doelgroep vindt u bij Hoogte en duur. Als een werkgever voor de aangifte loonheffingen verschillende loonheffingennummers (subnummers) gebruikt, worden de verloonde uren van deze loonheffingennummers bij elkaar opgeteld.