De eerste betaling van uw WW-uitkering duurt soms wat langer. Bijvoorbeeld als er veel tijd zit tussen de dag dat u werkloos werd en de dag waarop u de eerste Inkomstenopgave kunt invullen. Soms kunt u dan een voorschot op de eerste betaling krijgen.
Misschien heeft u geen voorschot nodig. De Inkomstenopgave staat vanaf de eerste dag van iedere nieuwe maand voor u klaar op Mijn UWV. Als u deze direct opstuurt, staat uw WW-uitkering meestal binnen enkele dagen op uw rekening.
Voor het aanvragen van een voorschot geldt het volgende:
- U heeft een WW-uitkering aangevraagd. En zit in de eerste maand van uw uitkering.
- U heeft maar 1 keer recht op een voorschot.
- Als u kiest voor een voorschot, dan is de eerste betaling van uw WW-uitkering lager. Wij verrekenen het voorschot namelijk met de eerste betaling van uw uitkering.
Wij berekenen het voorschot vanaf de dag dat u werkloos werd tot de datum waarop u een voorschot aanvraagt. De dag van uw aanvraag telt niet mee.
Voorbeeld berekenen voorschot
Uw eerste werkloosheidsdag is maandag 14 juni. Op maandag 21 juni vraagt u een voorschot aan. Dan berekenen wij uw voorschot over 5 werkdagen, namelijk van maandag 14 tot en met vrijdag 18 juni.
Het voorschot is altijd lager dan de WW-uitkering die u gaat ontvangen. Zo voorkomen we dat u later een bedrag aan ons moet terugbetalen.
In de volgende situaties krijgt u geen voorschot:
- Als nog niet duidelijk is of u recht heeft op een WW-uitkering.
- Als u en uw werkgever het niet eens zijn over de vraag of u ziek bent. En uw werkgever uw loon niet doorbetaalt.
U krijgt dan van ons een brief. Hierin leggen we uit waarom u geen voorschot of WW-uitkering krijgt. U kunt dan misschien wel een bijstandsuitkering krijgen vanuit de Participatiewet.
Neem contact met ons op als u een voorschot wilt aanvragen.