U maakt gebruik van een oude browser. Update uw browser om optimaal gebruik te maken van uwv.nl.

Aantal werkenden verder toegenomen

geplaatst op 21 september 2017

Het aantal mensen van 15 tot 75 jaar met betaald werk is in de afgelopen drie maanden met gemiddeld 20 duizend per maand toegenomen, meldt het CBS. In deze leeftijdsgroep waren er in augustus 8,6 miljoen mensen met betaald werk. Bijna 4,3 miljoen mensen hadden om uiteenlopende redenen geen betaald werk. Onder hen waren 426 duizend mensen die aangaven recent naar werk te hebben gezocht en daarvoor ook direct beschikbaar te zijn. Gemiddeld nam hun aantal in de laatste drie maanden af met 10 duizend per maand.

De rest van deze groep niet-werkenden, ruim 3,8 miljoen, bestond uit mensen die niet recent hebben gezocht en/of niet direct voor werk beschikbaar waren. Hun aantal is met gemiddeld 3 duizend per maand gedaald. UWV registreerde een verdere daling van het aantal WW-uitkeringen naar 362 duizend in augustus.

Daling ILO-werkloosheidsindicator

Om de conjuncturele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt in verschillende landen te kunnen vergelijken, wordt vaak gebruikgemaakt van de werkloosheidsindicator van de International Labour Organization (ILO). Volgens deze indicator wordt de groep mensen van 15 tot 75 jaar zonder betaald werk die recent hebben gezocht en direct beschikbaar zijn met ‘werkloos’ aangeduid. Zoals hierboven aangegeven, was hun aantal in augustus 426 duizend, ofwel 4,7 procent van de beroepsbevolking. In juli was dit nog 4,8 procent.
Dit cijfer omvat niet iedereen zonder werk die wil werken, of deeltijdwerkers die meer uren willen werken. Mensen die wel willen werken, maar om wat voor reden dan ook recent niet gezocht hebben, en/of niet direct beschikbaar waren, vallen buiten de werkloosheidsdefinitie van de ILO. Het CBS beschrijft deze groepen met behulp van aanvullende indicatoren. Bij het maandcijfer over mensen met betaald werk (de werkzame beroepsbevolking) speelt de arbeidsduur geen rol. Alle werkenden worden meegeteld, ongeacht het aantal uren dat men werkt. Over het aantal arbeidsuren van mensen met betaald werk publiceert het CBS kwartaalcijfers.

UWV: Lichte afname WW-uitkeringen in augustus

Het aantal lopende WW-uitkeringen is licht gedaald ten opzichte van juli (-0,6 procent) en komt eind augustus uit op 362 duizend. Het aantal lopende WW-uitkeringen ligt nu ruim 15 procent lager dan een jaar geleden.

Bijna alle beroepsrichtingen lieten een daling zien van het aantal WW-uitkeringen ten opzichte van juli. De afname was het sterkst bij de agrarische beroepen en in de transport en logistiek. Vooral het aantal WW-uitkeringen onder vrachtwagenchauffeurs liep sterk terug in augustus (-10 procent).

Naar sector bekeken was de daling het grootst in de bouwnijverheid (-5,2 procent). In het onderwijs was juist sprake van een stijging van het aantal uitkeringen met 10,9 procent. Een toename van het aantal WW-uitkeringen in het onderwijs gedurende de zomermaanden is een jaarlijks terugkerend verschijnsel. Bij de beroepsgroep leerkrachten basisonderwijs, waarbij deze zomerpiek zich onder andere voordoet, vlakt de WW-stijging de laatste jaren sterk af.

UWV: Veel minder nieuwe WW-uitkeringen vanuit de bouw en het grootwinkelbedrijf

In de periode januari tot en met augustus 2017 verstrekte UWV 277 duizend nieuwe uitkeringen. Dit is een daling van 17,3 procent in vergelijking met dezelfde periode in 2016. Bijna alle sectoren lieten een afname zien in het aantal nieuwe uitkeringen. Deze afname is vooral sterk bij bouwbedrijven (-47,0 procent) en grootwinkelbedrijven (-44,1 procent). 

Minder werkloze 45-plussers

In de afgelopen drie maanden is de werkloosheid (ILO-werkloosheidsindicator) vooral sterk gedaald bij 45- tot 75-jarigen. In augustus waren binnen die leeftijdsgroep 163 duizend mensen werkloos. In mei waren er nog 187 duizend 45-plussers op zoek naar werk die direct konden starten. Daarmee nam hun aantal tussen mei en augustus af met gemiddeld 8 duizend per maand. Het aantal werkloze jongeren en 25- tot 45-jarigen nam in die periode nauwelijks af.

Het CBS publiceert maandelijks over de omvang van de werkzame en werkloze beroepsbevolking en de niet-beroepsbevolking (ILO-definitie). Hiermee wordt echter niet het totale onbenut arbeidspotentieel beschreven. Behalve werklozen volgens de ILO-indicator worden hiertoe nog andere groepen gerekend. De grootte van deze groepen wordt alleen per kwartaal gepubliceerd. Het totaalbeeld dat hieronder volgt is daarom gebaseerd op de laatste kwartaalcijfers. De ontwikkeling van het totale onbenut arbeidspotentieel hangt sterk samen met de ontwikkeling van de werkloosheid volgens de ILO-definitie.

8,6 miljoen werkenden in tweede kwartaal

In het tweede kwartaal hadden van de 12,9 miljoen mensen van 15 tot 75 jaar bijna 8,6 miljoen betaald werk en waren er gemiddeld 451 duizend werkloos (ILO-werkloosheidsindicator). Deze twee groepen samen vormen de beroepsbevolking. Het andere deel, bijna 3,9 miljoen, behoort daar niet toe.

Het grootste deel van die laatste groep wil of kan niet werken (3,2 miljoen), bijvoorbeeld vanwege opleiding, zorg, ziekte of hoge leeftijd. Daarnaast waren er in het tweede kwartaal ruim 200 duizend mensen die wél willen werken, maar niet recent op zoek én niet direct beschikbaar zijn. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om mensen die een opleiding of studie volgen of vrijwilligerswerk verrichten. Verder zijn er mensen die óf recent hebben gezocht (163 duizend) óf direct beschikbaar zijn voor werk (273 duizend).

Deeltijdwerkers

Niet alleen onder mensen zonder werk is er onbenut arbeidspotentieel. Onder de 4,1 miljoen mensen die in deeltijd werken, waren er in het tweede kwartaal ook nog 460 duizend die meer uren willen werken en daarvoor ook direct beschikbaar zijn. Gemiddeld willen zij 12,6 uur per week extra werken. Meer daarover is te lezen in het artikel ‘Onbenut arbeidspotentieel en arbeidsvolume’.

Toelichting

Het CBS publiceert maandelijks volgens de internationale richtlijnen over de beroepsbevolking. De bijbehorende indicatoren, de werkzame en werkloze beroepsbevolking, worden wereldwijd gebruikt om de conjuncturele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt te beschrijven. Daarbij zijn maandcijfers essentieel. Daarnaast publiceert het UWV maandelijks over het aantal WW-uitkeringen. Deze UWV-cijfers over uitkeringen zijn niet één-op-één vergelijkbaar met de indicatoren over de beroepsbevolking.

 

Heeft u gevonden wat u zocht? Ja Nee, terug naar zoekresultaten

sluiten