Extra WIA-instroom deels door directe en indirecte invloed van corona

geplaatst op 25 april 2022

In 2021 was de stijging van het aantal mensen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering (WIA) kreeg toegekend hoger dan verwacht. UWV doet onderzoek naar de oorzaken van deze extra instroom in de WIA. De eerste resultaten laten zien dat de coronapandemie direct en indirect een belangrijk aandeel heeft gehad in deze toename.

Dat staat in het UKV Volumeontwikkelingen (pdf, 1 MB) dat vandaag gepubliceerd is.

Het aantal WIA-uitkeringen stijgt al jaren. De belangrijkste verklaringen daarvoor zijn een toename van het aantal verzekerden, de verhoging van de pensioenleeftijd, meer heropening van voormalige WIA-uitkeringen en de laatste jaren ook een toename van het aantal verstrekte voorschotten. Maar de stijging van de instroom in de WIA is in 2021 veel sterker dan in 2019 en 2020. In 2021 nam het aantal WIA-uitkeringen toe met 5.700 (ruim 11 procent), dat zijn er 2.900 meer dan verwacht mocht worden op grond van de bekende factoren.

Coronaklachten naast bestaande aandoening

Op dit moment loopt een onderzoek naar de achtergronden van deze extra instroom. Daaruit wordt duidelijk dat directe en indirecte gevolgen van de coronapandemie een belangrijke rol spelen. De directe invloed is de extra instroom van mensen die (een ernstige vorm van) corona kregen naast een bestaande aandoening, waardoor hun gezondheidssituatie verslechterde. In 2020 ging het om 75 mensen en in 2021 om 500 mensen. We weten niet of deze mensen zonder corona niet in de WIA terecht zouden zijn gekomen, maar het is aannemelijk dat corona voor deze mensen een bijkomende oorzaak van arbeidsongeschiktheid is.

Het gaat hier dus nog niet om mensen die primair vanwege corona arbeidsongeschikt zijn geraakt. De eerste bekende coronabesmetting in Nederland was immers eind februari 2020 en een WIA-uitkering volgt pas na twee jaar ziekte. De instroom van deze groep is dus te verwachten vanaf maart 2022 en zal naar verwachting tot een nog hogere instroom in de WIA leiden. Cijfers daarover volgen later.

Ook indirecte invloed van corona

Indirect heeft corona ook gevolgen gehad die de hogere WIA-instroom in 2021 kunnen verklaren. Zo versterkten de coronamaatregelen de al langer bestaande mismatch tussen de vraag naar sociaal-medische dienstverlening en de beperkte beoordelingscapaciteit van UWV. Sociaal-medische beoordelingen waarbij face-to-facecontact of lichamelijk onderzoek nodig was, werden bemoeilijkt of moesten worden uitgesteld. Dit heeft geleid tot meer voorschotten – en die tellen mee als nieuwe WIA-uitkering.

Daarnaast was er sprake van minder verlengingen van de loondoorbetalingsverplichting voor werkgevers die te weinig hebben gedaan aan de re-integratie van hun zieke werknemers. Bij de toets op het re-integratieverslag is dan bijvoorbeeld rekening gehouden met het gegeven dat in sommige sectoren de werkgever nu eenmaal weinig re-integratiemogelijkheden kon inzetten tijdens de lockdowns.

Ook spelen vermoedelijk de door de coronasituatie opgelopen wachttijden voor diagnose en behandeling en de hogere drempel voor re-integratie bij de eigen of nieuwe werkgever gedurende de eerste twee ziektejaren een rol. Hierdoor zullen meer mensen het einde van de wachttijd volmaken en een WIA-aanvraag doen. Nader onderzoek loopt nog, maar duidelijk is dus al wel dat factoren waarbij corona een belangrijke rol speelt zorgen voor een aanzienlijk deel van de stijging van de WIA-instroom in 2021.

Heeft u gevonden wat u zocht? Ja Nee, terug naar zoekresultaten

sluiten