UWV: meer Wajongers aan het werk

geplaatst op 19 maart 2019

De arbeidsparticipatie van Wajongers en mensen met een WGA-uitkering is gestegen. Dit blijkt uit de Monitor Arbeidsparticipatie van UWV. Het aantal mensen met een Wajong-uitkering dat werkt nam in 2017 toe tot 59.200. Dit is 1.400 meer dan het jaar ervoor. De arbeidsparticipatie blijft nog wel sterk achter bij die van de Nederlandse bevolking en ook bij die van laagopgeleiden en mensen met een niet-westerse migratieachtergrond.

Bijna helft van de Wajongers met arbeidsvermogen werkt

Tussen 2015 en 2017 heeft UWV Wajongers ingedeeld naar arbeidsvermogen. Circa 48 procent van de Wajongers heeft (op termijn) arbeidsvermogen. Ongeveer de helft van hen is eind 2017 aan het werk. Ongeveer 5,6 procent van de Nederlandse bedrijven had eind 2017 één of meerdere Wajongers in dienst. De bedrijfstakken landbouw, groenvoorziening en visserij en uitzendbedrijven hebben per 10.000 dienstverbanden de meeste Wajongers in dienst. Minder dan 3 procent van de Wajongers met arbeidsvermogen werkt als zelfstandige. Dit lijkt de laatste jaren licht te stijgen.

Ondersteuning en begeleiding

Werk voor Wajongers is vaak aangepast werk in een reguliere setting met ondersteuning en begeleiding. Van de Wajongers die in 2017 aan het werk waren bij reguliere werkgevers kreeg 58 procent ondersteuning in de vorm van loondispensatie, begeleiding door een jobcoach of een andere voorziening. In 2017 maakten 7.800 Wajongers gebruik van een proefplaatsing. Dit leidde bij 62 procent van de Wajongers binnen 2 maanden tot een dienstverband, 28 procent van de Wajongers vond op een later tijdstip alsnog werk en kreeg een dienstverband. Ongeveer 70% van de Wajongers bij wie een proefplaatsing leidde tot een dienstverband is een jaar na het einde van de proefplaatsing nog steeds (of weer) aan het werk.

Steeds vaker baanbehoud

Steeds meer Wajongers slagen erin hun baan te behouden. Van de Wajongers die in 2016 aan het werk gingen, is bijna 59 procent een jaar later nog aan het werk. Ten opzichte van 2014 is dit een stijging van 5 procentpunt. Wajongers met arbeidsvermogen die hun baan verliezen vinden gemiddeld sneller weer een nieuwe baan. Zo ging 58 procent binnen een jaar weer aan de slag. In 2014 en 2015 was dit 50 procent. Ongeveer een kwart van de Wajongers met arbeidsvermogen die het werk verliezen komt, ook na langere tijd, niet meer aan het werk. Belangrijk aandachtspunt bij het bevorderen van de arbeidsparticipatie van Wajongers is dan ook het snel weer aan het werk helpen.

Over de Monitor Arbeidsparticipatie

UWV brengt jaarlijks de Monitor Arbeidsparticipatie uit, waarin we naast de arbeidsdeelname van Wajongers ook de ontwikkeling van de arbeidsparticipatie beschrijven van mensen met een WGA-uitkering (Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten) en mensen van wie de aanvraag voor een uitkering op basis van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen is afgewezen, de ‘WIA 35-minners’. Ook de arbeidsparticipatie van gedeeltelijk WGA’ers en WIA 35-minners ontwikkelt zich positief. Het aandeel werkende gedeeltelijk WGA’ers steeg van 43,9 procent eind 2016 naar 44,8 procent eind 2017. Het aandeel werkende WIA 35-minners nam toe van 43,5 procent tot 46,4 procent. De arbeidsparticipatie van volledig WGA’ers bleef met 8,4 procent gelijk.

Heeft u gevonden wat u zocht? Ja Nee, terug naar zoekresultaten

sluiten