U maakt gebruik van een oude browser. Update uw browser om optimaal gebruik te maken van uwv.nl.

Meer mensen werken met gedeeltelijke WW-uitkering

geplaatst op 06 maart 2018

In de WW wordt aanzienlijk meer gewerkt met gedeeltelijk behoud van de uitkering dan voorheen. Dit blijkt uit het kennisverslag waarin UWV kijkt naar de eerste effecten van de invoering van de inkomstenverrekening.

Met de invoering van de Wet werk en zekerheid (Wwz) per 1 juli 2015 kent de WW een systeem van inkomstenverrekening. Het vervangt de eerdere uren- en inkomstenaftrekregeling binnen de WW. Ed Berendsen, senior kennisadviseur bij UWV: ‘Het doel van de nieuwe regeling is om mensen te bewegen eerder een baan tegen een lager loon te accepteren. Hoe sneller je weer aan de slag gaat, hoe kleiner de afstand tot de arbeidsmarkt wordt.’

Als mensen met een WW-uitkering voor een lager loon gaan werken, blijven ze bij inkomstenverrekening een aanvulling houden via de WW. Deze aanvulling eindigt wanneer de WW-gerechtigde tenminste 87,5% van zijn oude maandloon verdient. Berendsen: ‘Aan de oude regelingen van inkomstenaftrekregeling en vooral de urenverrekening kleefden nadelen. Wanneer je vanuit de WW weer aan het werk ging tegen een lager loon kon je uitkomen op een lager totaalinkomen. Dat werkte demotiverend. In de nieuwe regeling zijn de totale inkomsten uit arbeid en uitkering altijd hoger dan met alleen een WW-uitkering. Daarmee loont werkhervatting en is de kans op baanverlies kleiner.’

Belangrijkste resultaten

  • Werken met inkomstenverrekening neemt toe. In 2015 was er nog sprake van 20% werkhervatting met behoud van gedeeltelijke WW-uitkering. In de tweede helft van 2017 is bij 29% van de WW’ers sprake van inkomstenverrekening.
  • Het aandeel werkende WW’ers neemt toe, maar we kunnen nog niet concluderen dat WW’ers eerder aan het werk zijn gegaan als gevolg van de nieuwe regeling. Daarvoor is nadere analyse nodig.
  • Het percentage WW’ers dat werkt met inkomstenverrekening stijgt met de leeftijd. In de leeftijdscategorie 45 tot 54 jaar maakt 33% gebruik van de regeling. Dat is het hoogst van alle WW’ers. Pas vanaf 60 jaar neemt het aandeel sterk af.
  • WW’ers die werken met inkomstenverrekening ontvangen gemiddeld de helft minder uitkering dan WW’ers die dat niet doen.
  • De grootste toename van het gebruik van inkomstenverrekening is te zien bij bedrijfstakken waar eerder relatief weinig werd gewerkt met inkomstenverrekening. De sector bouw en hout laat een flinke stijging zien, van 14% naar 36%. De sector overheid heeft met 18% de minste WW’ers met inkomstenverrekening.

Meer weten over de effecten van de inkomstenverrekening? Lees het UWV Kennisverslag.

Maandelijkse uitgave UWV Kennisverslag

UWV publiceert iedere maand een Kennisverslag van een van de kennisadviseurs van UWV. Geïnteresseerden worden via een e-mail alert direct op de hoogte gebracht van de nieuwe publicatie.

Heeft u gevonden wat u zocht? Ja Nee, terug naar zoekresultaten

sluiten