U maakt gebruik van een oude browser. Update uw browser om optimaal gebruik te maken van uwv.nl.

Verzekeringsarts: een prachtig, maar lastig vak

geplaatst op 24 maart 2017

Verzekeringsgeneeskunde is een bijzonder specialisme en UWV is de grootste werkgever van de artsen die dat vak uitoefenen. Hoe beoordelen verzekeringsartsen? Welke richtlijnen hanteren ze en hoe pakken die in de praktijk uit? Is de beoordelingssystematiek nog wel up-to-date en tegen welke problemen lopen ze aan? In UWVMagazine online deze maand aandacht voor dit onderwerp.

Over de rol en de positie van de verzekeringsarts bestaan bij het grote publiek de nodige misverstanden, stelt Han Anema, hoogleraar Sociale Geneeskunde aan het VUmc. Daarnaast bekleedt Anema de door UWV gefinancierde leerstoel Verzekeringsgeneeskunde. ‘In opdracht van de wetgever beoordeelt de verzekeringsarts wat iemand nog kan of niet kan. Dat is een heel andere beoordeling dan die van een huisarts of een medisch specialist. Voor alle duidelijkheid: ook de verzekeringsgeneeskunde is een specialisme, met een vierjarige opleiding’. Het is dan ook belangrijk, benadrukt hij, dat de verzekeringsarts zijn rol aan de cliënt duidelijk maakt. ‘Communicatie is een essentieel onderdeel van ons vak.’

Een tweede misverstand is dat het oordeel van de ene verzekeringsarts vaak verschilt met dat van de andere: ‘Door de richtlijnen en protocollen die UWV hanteert, valt dat reuze mee, blijkt uit ons onderzoek. Wel wijkt het oordeel van de huisarts of medisch specialist soms af van dat van de verzekeringsarts. Dat heeft onder meer te maken met het feit dat onze expertise en ons referentiekader verschillen: het weer zo goed mogelijk participeren van de cliënt staat voor verzekeringsartsen centraal. Uit onderzoek blijkt dat werk de gezondheid ten goede komt.’

Begrip

Enno Trompert, tot voor kort vicevoorzitter van de Cliëntenraad van UWV, is ervaringsdeskundige. Tien jaar geleden meldde hij zich bij een verzekeringsarts met naar eigen zeggen ‘een complex ziektebeeld waarbij het de vraag was of er ooit herstel zou optreden. Ik vond destijds dat de verzekeringsarts te weinig aandacht en begrip had voor mijn situatie.’ Als lid van de Cliëntenraad merkte hij dat hij lang niet de enige was die soms moeite had met het optreden van de verzekeringsartsen. ‘De druk – maatschappelijke druk én tijdsdruk – op hen is groot. Maar dat neemt niet weg dat sommige cliënten zich niet gehoord voelen. Het zou goed zijn als er meer tijd was voor cliënten, zeker bij complexe medische en/of psychiatrische ziektebeelden, en als er meer maatwerk werd geboden.’ Zo wil bijvoorbeeld de ene cliënt met gering perspectief op genezing met rust worden gelaten, terwijl de andere met al even weinig perspectief graag zo lang mogelijk actief wil blijven.

Soms zit het in kleine dingen, aldus Trompert. Een verzekeringsarts die tijdens een gesprek met een cliënt niet op- of omkijkt van zijn computer, wekt onbegrip en woede op bij cliënten. ‘Maar als de arts voor het gesprek uitlegt dat hij alles direct moet vastleggen, zie je dat cliënten het hem of haar veel minder kwalijk nemen.’ Overigens ziet Trompert dat er voor dit soort emotionele kwesties steeds meer aandacht komt. ‘Ik merk dat verzekeringsartsen meer en meer leren denken en handelen vanuit het perspectief van de cliënt.’

Lees het volledige artikel in UWVMagazine online.

Weten hoe een gesprek met de verzekeringsarts in zijn werk gaat? Bekijk dan de video 'Een gesprek met de verzekeringsarts'.

Heeft u gevonden wat u zocht? Ja Nee, terug naar zoekresultaten

sluiten