Voordat vakbondsman Elzinga de disbalans toelicht, wil hij ‘het goede nieuws’ benadrukken. ‘De economische crisis en de werkloosheid door corona vallen in ons land enorm mee. Dat is te danken aan het feit dat wij, werknemers, werkgevers en ministeries al direct bij het begin van de crisis bij elkaar zijn gaan zitten om te kijken: hoe kunnen we voorkomen dat bedrijven omvallen en mensen massaal op straat komen te staan? Dat hebben we samen echt goed gedaan.’ Daar is werkgeversvoorzitter Thijssen het hartgrondig mee eens. ‘Absoluut. Vanaf dag één hebben we intensief samengewerkt. Dat heeft gezorgd voor uitstekende steunpakketten, die ondernemers door de crisis hebben geholpen en die we steeds hebben aangepast in overleg met het kabinet als de situatie daarom vroeg.’

Vergrootglas

De pandemie legde ook een vergrootglas op de basis van de Nederlandse arbeidsmarkt, vinden beiden. Elzinga. ‘Die is niet op orde. De flexibilisering is doorgeslagen, waardoor de afgelopen veertig jaar steeds meer scheefgroei in de samenleving is ontstaan. De laatste twee decennia is die meer en meer op het bordje terechtgekomen van mensen met onzekere contracten.’ Met alle gevolgen van dien, legt hij uit: ‘Mensen die niet kunnen meeprofiteren van de welvaartsgroei, mensen die wel werk hebben, maar geen inkomenszekerheid. Die kwamen aan het begin van de coronacrisis plotseling op straat te staan: zonder werk én zonder inkomen. Als maatschappij hebben we daar ook een prijs voor betaald, want linksom of rechtsom belandt de rekening uiteindelijk op het bordje van de belastingbetaler.’

Race naar beneden

Dat is niet de enige schaduwzijde van een – te – flexibele arbeidsmarkt. Elzinga schetst er nog een paar: ‘Onzekerheid over je inkomen leidt ertoe dat mensen belangrijke beslissingen uitstellen: een huis kopen, kinderen krijgen, de planning van het leven wordt ingewikkelder. Sectoren die structureel werk met flex hebben georganiseerd, stuiten bovendien op problemen. Ze kunnen onvoldoende personeel vinden of dat aan zich binden omdat ze er niet in investeren. Er zijn sectoren ontstaan die puur concurreren op prijs en niet op innovatie, toegevoegde waarde, kennis of kunde. Dat is een race naar beneden en slecht voor het welzijn van Nederland.’ Thijssen: ‘De huidige krapte op de arbeidsmarkt onderstreept ook nog weer eens hoe belangrijk het is om te innoveren en je productiviteit te blijven verhogen. Dat doen we als land niet goed genoeg en de krapte op de arbeidsmarkt zet daar een enorme druk op. We moeten slimmer en innovatiever worden. Ik denk trouwens dat je gaat zien dat door de enorme krapte het aantal vaste contracten weer zal oplopen. Nu al zie je dat werkgevers van alles doen om talent bij zich te houden of om ze aan zich te binden met extra’s.’

Lees het hele interview met Tuur Elzinga en Ingrid Thijssen in UWV Magazine(pdf, 4 MB)