Bedrijven die een voorschot van 20.000 of meer hebben gekregen, moeten voor de definitieve berekening van de eerste periode van de NOW-subsidie een verklaring overleggen (klik hier voor de precieze bedragen). Zij moeten die aanvraag uiterlijk 31 oktober hebben ingediend. Doen ze dat niet, dan wordt de definitieve berekening op nihil gezet en moeten zij het gehele voorschot terugbetalen.

Een verklaring opstellen is maatwerk. Daarom kost het meer tijd en geld dan veel ondernemers zich realiseren, zegt Denyse. ‘Personeelskosten zijn vaak wel standaard, die controle kun je automatiseren. Maar de omzet is bij elke klant anders. Ondernemers zijn heel creatief geweest in de coronacrisis. Ze hebben nieuwe omzetstromen gecreëerd of zijn de bezorging zelf gaan doen terwijl ze die daarvoor uitbesteedden. Dat heeft allemaal invloed op wat je tot hun omzet – en dus hun omzetverlies – kunt rekenen.’

Denyse en haar collega’s gaan daarom met iedere klant in gesprek. Samen bekijken ze wat nodig is voor de verklaring, welke gegevens er al zijn en welke de ondernemer nog moet verzamelen. ‘We merken gelukkig wel dat het minder tijd kost als we daarna voor diezelfde ondernemer een verklaring voor de definitieve berekening van de NOW 2.0 moeten opstellen.’ 

Vanwege de hoeveelheid aanvragen én de hoeveelheid werk per aanvraag, is het kantoor van Denyse niet zo ver met de verwerking als het had gewild. ‘Eigenlijk hadden wij er voor de zomervakantie al klaar mee willen zijn. Dat is niet gelukt, maar we gaan het wél redden voor 31 oktober.’

Omdat ook andere kantoren moeite met de stroom aanvragen hebben, heeft de minister onlangs besloten dat ondernemers zowel hun accountantsverklaring als hun derdenverklaring nog tot 14 weken ná 31 oktober mogen indienen. De aanvraag voor de definitieve berekening moet dan wel vóór 31 oktober bij UWV binnen zijn, dus of je nu al een verklaring hebt of niet, je moet altijd actie ondernemen voor 31 oktober.

Een andere versoepeling heeft betrekking op de controle van de concernstructuur. Die is bij sommige bedrijven zo complex dat accountants deze niet of nauwelijks in kaart kunnen brengen. In dat geval konden ze geen verklaring afgeven en zou de definitieve berekening op nihil moeten worden gesteld. Heeft de accountant aan een aantal eisen voldaan, dan is het in veel gevallen toch mogelijk om als bedrijf een tegemoetkoming te ontvangen.

Denyse: ‘Wij hebben ook een paar klanten die onderdeel zijn van een internationale groep. Hun informatie controleren is lastig. Het is goed dat onze branchevereniging daarover met de minister tot een oplossing is gekomen.’