De Koninklijke Ginkel Groep is een familiebedrijf in de groenvoorziening met ruim 500 medewerkers en 11 vestigingen in heel Nederland. Wim is de 4e generatie en werkt al meer dan 40 jaar in het familiebedrijf.
Alle nieuwe medewerkers bij Van Ginkel starten in een buddytraject. Veel van hen zijn tussen de 16 en 20 jaar, volgen nog een opleiding en hebben weinig werkervaring. ‘Vaak weten ze nog niet helemaal wat ze willen en kunnen’, vertelt Wim. ‘Dan vinden ze het fijn om iemand naast zich te hebben die ze meeneemt in het vak. Daarom lopen nieuwe medewerkers vanaf dag 1 mee met ervaren collega’s. De ploegen bestaan bewust uit medewerkers van verschillende leeftijden en niveaus, zodat alle collega’s dagelijks van elkaar leren.’
Naast een begeleider op de werkvloer krijgen jonge medewerkers die nog een opleiding volgen ook begeleiding vanuit Human Resources (HR). Samen met een HR-collega kijken ze hoe het op school gaat, wat ze leuk vinden om te doen en waar ze naartoe willen groeien. ‘Zo ontdekken medewerkers stap voor stap waar hun interesses liggen’, vertelt Wim. ‘Bijvoorbeeld in boomverzorging, daktuinen of interieurbeplanting.’
‘Die begeleiding van collega’s en HR-medewerkers geldt trouwens ook voor zij-instromers uit andere sectoren’, vertelt Wim. ‘Er solliciteren steeds vaker mensen die jarenlang kantoorwerk hebben gedaan en nu iets met hun handen willen doen. Ook zij krijgen via een buddytraject en jaarlijkse gesprekken de ruimte om het vak te leren en te ontdekken welke richting bij hen past. Ook zijn er voor zij-instromers branche-opleidingen waarmee ze sneller kunnen instromen. Die worden volledig vergoed.’
Volgens Wim levert de focus op leren en ontwikkelen veel op. ‘Ieder mens moet het gevoel hebben vooruit te kunnen. Juist dat helpt om mensen te behouden’, vertelt hij. ‘MMedewerkers zien dat ze echt kunnen groeien, daardoor voelen ze zich meer betrokken en blijven ze langer voor ons werken.’
Volgens Wim was nieuw personeel vinden 10 jaar geleden geen urgent probleem. ‘Toen kwamen we makkelijker aan een nieuwe medewerker wanneer iemand met pensioen ging. Nu zijn er minder jonge mensen die het vak in gaan en moet je vooruitdenken als werkgever om personeelstekorten te voorkomen. Dat begint met aandacht geven aan wat iemand wil leren en dat ook mogelijk maken. Zo trek je mensen aan. Voor mij hoort dat bij modern werkgeverschap. Je moet niet alleen kijken naar het werk van vandaag, maar ook naar de ontwikkeling van medewerkers voor de toekomst.’
Wim denkt terug aan een jongen voor wie deze manier van leren en begeleiden goed uitpakte. ‘Hij kwam binnen als leerling die opleiding en werk combineert (BBL- Beroepsbegeleidende Leerweg) en wilde in het begin niet veel met school doen. Dan moet je soms een beetje geduld hebben. Want een paar jaar later vroeg hij alsnog of hij verder mocht leren.’ Het bedrijf betaalde eerst zijn mbo-opleiding, toen zijn associate degree (een tweejarige hbo-opleiding) en later ook zijn bacheloropleiding. Uiteindelijk groeide hij door tot projectleider bij Van Ginkel. ‘Dat vind ik mooi om te zien’, zegt Wim. ‘Soms verrassen medewerkers je enorm in hoe ze groeien.’
Harold leerde hoe het nemen van een gok geweldige werknemers op kan leveren
Naast jonge medewerkers en zij-instromers heeft Van Ginkel ook mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst. Daarvoor richtte het bedrijf 8 jaar geleden het sociaal bedrijf Rosa Novum op als onderdeel van de Ginkel Groep. Die medewerkers krijgen extra begeleiding op de werkvloer en worden geholpen om werk te vinden dat bij hun vaardigheden past. Daarbij werkt Van Ginkel ook samen met UWV. ‘Sommige medewerkers volgen na een tijdje alsnog een mbo-opleiding of groeien door naar een van de andere bedrijfstakken van Van Ginkel. Dat is mooi om te zien.’
Samen met UWV kijkt Van Ginkel ook naar nieuwe manieren om mensen op te leiden en aan werk te helpen. Zo werken UWV, Van Ginkel en andere bedrijven in de branche steeds vaker met ontwikkelpaden. Dat zijn trajecten waarmee mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt of mensen zonder baan worden begeleid naar werk en opleidingen binnen de sector. ‘Je merkt dat iedereen hetzelfde doel heeft’, zegt Wim. ‘We proberen samen zoveel mogelijk mensen aan het werk te krijgen en kijken vooral naar wat iemand wél kan.’
Voor Wim is investeren in leren en ontwikkelen niet langer iets extra’s, maar onderdeel van goed werkgeverschap. Juist nu nieuwe instroom minder vanzelfsprekend is, moeten werkgevers volgens hem vooruit blijven kijken. ‘Je moet mensen de kans geven om te groeien, maar ook nadenken over hoe je kennis behoudt en medewerkers aan je organisatie bindt’, zegt hij. ‘Niet wachten tot er problemen ontstaan, maar vooruitdenken en investeren in je mensen. Volgens mij is dat nieuw werkgeverschap.’