Vivian wilde al vanaf jonge leeftijd graag werken. ‘Maar door mijn epilepsie was dat niet vanzelfsprekend’, legt ze uit. ‘Ik had vaak aanvallen en was daardoor snel moe. Na een aanval moest ik soms dagen rusten. De wil om te werken was er, maar roosters, verwachtingen en begeleiding van werkgevers waren niet altijd flexibel genoeg voor me.’
Toch maakte Vivian haar mbo-opleiding af en probeerde ze een passende baan te vinden. Ze werkte onder andere in de zorg, als activiteitenbegeleider en in de administratie. Maar steeds liep ze tegen dezelfde problemen aan. ‘Werkgevers wisten niet altijd wat ze van mij konden verwachten’, vertelt ze. ‘Als ik een aanval had gehad, kon ik soms een paar dagen niet werken omdat ik doodmoe was. Dat was voor werkgevers lastig om rekening mee te houden. Voor een duurzame werkplek moeten alle partijen bereid zijn om te kijken wat nodig is om om te gaan met mijn aanvallen: de werkgever, de jobcoach vanuit UWV en ikzelf. Dat was niet altijd het geval. Daardoor lukte het een tijd helemaal niet om te werken.’
Toen Vivian met een vriendin een workshop tuften volgde, veranderde haar leven onverwacht. Tuften is een techniek waarbij je met een machine en wol een patroon in stof maakt, bijvoorbeeld voor een wandkleed of tapijt. Tijdens de workshop wist ze meteen: ‘Dit wil ik vaker doen. Dit werk geeft me rust en energie tegelijk.’ Als kind was Vivian ook al creatief. ‘Mijn oma en ik schilderden bijvoorbeeld graag vroeger. Voor het eerst had ik weer iets gevonden dat die creativiteit aanwakkerde.’
Al snel wilde Vivian meer met het tuften doen dan alleen zelf iets maken. Ze merkte dat ze het leuk vond om anderen de techniek te leren. ‘Ik wil mensen laten zien wat ze allemaal met tuften kunnen’, vertelt ze. Tijdens workshops ziet ze ook vaak dat deelnemers zichzelf verrassen. ‘Mensen kunnen vaak meer dan ze denken.’ Dat mensen daar meer vertrouwen door krijgen, geeft Vivian energie. Zo ontstond het idee om haar eigen bedrijf Studio Sveer te beginnen en workshops te gaan geven.
De stap naar ondernemerschap vond Vivian spannend. Ze wist niet wat ze kon verwachten en had veel vragen. Hoeveel mocht ze eigenlijk werken naast haar Wajong-uitkering? En wat zou er gebeuren als haar bedrijfsplan zou mislukken? Via een UWV-adviseur kwam ze in contact met re-integratie- en coachingsbedrijf FRIS. Daar kreeg ze begeleiding bij het opzetten van haar onderneming.
Vivian werd gekoppeld aan een jobcoach van FRIS die zelf ook een Wajong-uitkering had en ondernemer was geweest. Daar heeft ze veel van geleerd. Samen werkten ze aan haar bedrijfsplan en bereidde ze zich voor op een presentatie bij UWV. Wie vanuit een Wajong-uitkering een eigen bedrijf willen starten, moet zijn of haar plannen eerst presenteren aan UWV. ‘Ik vond dat heel spannend’, vertelt Vivian. ‘Het is toch een droom waar je voor gaat en het idee van een “nee” krijgen is eng.’
Vivians plan werd goedgekeurd door UWV en ze kon haar onderneming starten. Sindsdien runt ze haar studio en geeft ze workshops in tuften. Vivian regelt alles zelf, van planning tot administratie. Dat geeft haar een gevoel van zelfstandigheid. ‘Ik heb ontdekt dat ik meer kan dan ik dacht’, zegt ze.
Het werken op haar eigen tempo helpt Vivian ook in haar gezondheid. Ze is minder gestresst en heeft minder epileptische aanvallen. Maar misschien nog belangrijker is wat het met haar zelfvertrouwen doet. ‘Ik heb nu het gevoel dat ik gelijkwaardig ben aan anderen’, zegt ze. ‘Doordat ik niet kon werken, voelde ik me niet altijd onderdeel van de samenleving. Nu heb ik mijn plek gevonden.’
Aan anderen met een Wajong-uitkering die twijfelen over werk heeft Vivian een duidelijk advies. ‘Kijk naar wat je wel kan én waar je energie van krijgt. Als je ergens energie van krijgt, is het vaak makkelijker om hard te werken. Ook kan je vaak veel meer dan je denkt.’
Vivian raadt ook aan om hulp te vragen. Zelf klopte ze aan bij haar arbeidsdeskundige en kreeg ze begeleiding via UWV. ‘Ik ben gewoon gaan vragen wat er mogelijk was. Dat maakte uiteindelijk het verschil.’