In 5 van de 35 arbeidsmarktregio’s waren er eind september minder WW-uitkeringen dan in augustus. Alleen in de regio Twente bleef het aantal uitkeringen gelijk. In de andere 29 regio’s kregen juist meer mensen een uitkering.
De daling was het grootst in deze regio’s:
- Flevoland (-0,6%, -30 uitkeringen)
- Zeeland (-0,6%, -20 uitkeringen)
- Drenthe (-0,4%, -10 uitkeringen)
In deze regio's steeg het aantal WW-uitkeringen het sterkst:
- Gorinchem (+2,6%, +30 uitkeringen)
- Drechtsteden (+2,5%, +70 uitkeringen)
- Zaanstreek/Waterland (+2,3%, +80 uitkeringen)
In de meeste sectoren steeg het aantal uitkeringen. De stijging was het grootst in de sectoren:
- overheid (+4,0%, +130 uitkeringen)
- onderwijs (+3,5%, +310 uitkeringen)
- landbouw, groenvoorziening en visserij (+2,6%, +60 uitkeringen)
In 4 sectoren nam het aantal WW-uitkeringen af:
- chemische industrie (-1,4%, -50 uitkeringen)
- bouw (-1,2%, -30 uitkeringen)
- detailhandel (-0,2%, -30 uitkeringen)
- uitzendbedrijven (-0,1%, -20 uitkeringen)
Het aantal WW-uitkeringen nam toe in alle leeftijdsgroepen. Vooral onder mensen tot 25 jaar (+2,1%) en bij mensen van 25 tot 35 jaar (+ 2,0%) was de stijging groot.
Door een vernieuwing van de dataomgeving van UWV en een aangepaste manier van tellen zijn de aantallen WW-uitkeringen vanaf januari 2026 opnieuw berekend. De verschillen zijn klein, maar de cijfers vanaf januari 2026 zijn daardoor niet goed te vergelijken met de cijfers van vóór die datum.
Meer weten over de WW-ontwikkeling in september 2026? Bekijk de landelijke, regionale en sectorale cijfers via de onderstaande links.