Van den Anker is sinds 2022 ombudsvrouw van Rotterdam-Rijnmond. Eerder was ze wethouder in Rotterdam, onder meer op de portefeuilles Jeugd, Onderwijs en Diversiteit. Als ombudsvrouw houdt ze toezicht op de gemeente en op aanbestedende en gesubsidieerde partijen die met belastinggeld publieke taken uitvoeren – van welzijnsorganisaties tot jeugd-ggz. Ze is mede-initiatiefnemer van het Rotterdamse Werkstation op Zuid, waar gemeente, UWV en Belastingdienst samen dienstverlening aanbieden.

‘Laatst hoorde ik een verhaal over een jongen. Begin twintig, een gemotiveerde mbo-student met een mooie toekomst voor zich’, vertelt Van den Anker. ‘Maar zijn moeder kreeg een nieuwe partner, die hem uit huis zette. De sloten werden vervangen. Hij klopte aan bij school, de gemeente, de woningcorporatie. Iedereen was met hem begaan, maar niemand deed iets.’ Na zes weken op straat raakte de jongen verslaafd.

Het verhaal staat voor veel van de situaties die Van den Anker tegenkomt in haar werk als ombudsvrouw van Rotterdam-Rijnmond. Sinds 2022 houdt ze toezicht op gemeenten en publieke organisaties in de regio. Daarvoor was ze wethouder in Rotterdam. Ze kent het sociale stelsel van binnen en van buiten en ziet dagelijks wat er misgaat als organisaties langs elkaar heen werken.

De vergaderruimte waarin Van den Anker zit, heet de Lokettenjungle. Die naam verwoordt volgens haar precies waar veel inwoners tegenaan lopen. ‘De gemeente doet dingen voor je, de uitvoeringsinstanties, het Rijk – het zijn allemaal losse loketten’, zegt ze. ‘Terwijl inwoners uitgaan van één overheid, die ook intern communiceert.’

En er speelt volgens haar nog een ander probleem: schaarste. Er zijn tekorten aan betaalbare woningen, huisartsen, medewerkers in de ggz en juridische ondersteuning. Hulp is vaak pas beschikbaar als problemen ernstig zijn geworden. ‘Overheden roepen om preventie. Stap op tijd naar ons toe, wordt er gezegd. Maar als je dat dan doet, ben je gewoon nog niet aan de beurt.’

Volgens Van den Anker wordt samenwerking tussen overheidsinstanties vooral belemmerd door versnipperde verantwoordelijkheden, versnipperde financiering en een sterke focus op regels. ‘Veel ambtenaren denken dat rechtmatigheid het enige is wat telt. Maar het is maar een van de vereisten waarmee ze rekening moeten houden. Er zijn ook mensenrechten, kinderrechten en de beginselen van behoorlijk bestuur.’

Afspraken op papier zijn volgens haar onvoldoende. Wat nodig is, noemt ze ‘samenaarschap’, een combinatie van samenwerking en eigenaarschap. ‘Ik hark al die organisaties bij elkaar en zeg: jullie gaan hier niet de deur uit voordat jullie hebben bedacht hoe dit wordt opgelost. Dat betekent soms dat de één meer moet investeren dan de ander. Maar als je het als één publieke zaak ziet, maakt dat niet uit.’

Ook het argument van precedentwerking wordt volgens haar te vaak gebruikt om niet in actie te komen. ‘Iedereen die zegt dat iets niet kan vanwege precedentwerking, ontslaat zichzelf op verkeerde gronden van zijn verantwoordelijkheid.’

Een voorbeeld van hoe het anders kan, ziet Van den Anker in het Werkstation op Zuid in Rotterdam. Inwoners die werk zoeken of een uitkering aanvragen, kunnen daar terecht op één locatie waar verschillende organisaties samenwerken. Naast de gemeente zijn onder meer schuldhulpverlening, welzijnsorganisaties en juridische hulpverlening aanwezig. Ook lopen er pilots met UWV en de Belastingdienst. ‘Zo worden losse loketjes één tafel. Dat is de overheid die ik wil.’

Volgens Van den Anker moet de overheid de komende jaren veel eenvoudiger worden ingericht. Zo vindt ze dat mensen niet zelf allerlei regelingen moeten aanvragen als de benodigde informatie al bij de overheid bekend is. ‘De overheid heeft al die informatie al. Ze weet dat je bij UWV zit, dat je een klein pensioentje hebt, dat je in aanmerking komt voor energietoeslag. Dan is het haar plicht om dat in jouw portemonnee te laten terechtkomen, zonder dat je er iets voor hoeft te doen.’

Ook wil ze af van de vele overlegtafels waarop complexe situaties worden besproken zonder dat deelnemers voldoende beslissingsruimte of middelen hebben. Liever ziet ze één gezamenlijke tafel waar gemeente, UWV, woningcorporaties, Belastingdienst en andere partners samen verantwoordelijk zijn voor oplossingen. 

Haar boodschap is gericht aan iedereen die werkt voor de publieke sector. ‘Als je een belastingeuro ontvangt om een publieke taak uit te voeren, heb je een verantwoordelijkheid. Niet alleen voor jouw loket, maar voor het geheel. Want in de ogen van inwoners is het één overheid.’

Van den Anker hoopt dat inwoners bij contact met een overheidsorganisatie weer vertrouwen ervaren. Dat ze zich gehoord voelen, worden teruggebeld en serieus worden genomen. ‘Wij dienen nu op te staan’, zegt ze. ‘Wij werken voor de publieke zaak. We gaan het zelf niet meer accepteren dat we er zo’n bureaucratische ellende van hebben gemaakt. Kom op: mouwen opstropen, samenwerken, doen.’

Dit is een samenvatting van een interview met Marianne van den Anker uit UWV Magazine van september 2026. Ga naar een pdf van het hele magazine.