Groeiend tekort aan leraren ondanks banenkrimp

geplaatst op 24 november 2015

Sinds enkele jaren kent het onderwijs een krimpende werkgelegenheid. De komende vijf jaar staat de sector een verdere terugloop in het aantal lerarenbanen te wachten. Dit geldt met name in het primair en voorgezet onderwijs en in het middelbaar beroepsonderwijs, waar een krimp van zevenduizend voltijdbanen wordt voorspeld tot 2020. Ondanks het verwachte banenverlies moet de sector rekening houden met een groeiend tekort aan onderwijspersoneel. Het aantal vacatures neemt toe de komende jaren. Dit blijkt uit de sectorbeschrijving onderwijs die UWV heeft uitgebracht.

Na een periode van groei liep de werkgelegenheid in het onderwijs tussen 2009 en 2013 flink terug door dalende leerlingenaantallen en door een moeilijke financiële positie van sommige onderwijsinstellingen. In deze jaren zag het primair onderwijs het aantal voltijdbanen met vijftienduizend afnemen, terwijl in het voortgezet onderwijs en het mbo samen het aantal voltijdbanen met achtduizend daalde. Door de krimp werden veel (tijdelijke) contracten van onderwijspersoneel stopgezet en liep met name in het primair onderwijs het aantal WW-uitkeringen sterk op.

Tussen 2015 en 2020 verwacht UWV een krimp van nog eens zevenduizend voltijdbanen voor leraren en docenten in deze sectoren. In het primair onderwijs gaat het om een afname van 2.700 voltijdbanen, in het voortgezet onderwijs verdwijnen vierduizend voltijdbanen. Op mbo-instellingen wordt een lichte daling verwacht van 500 voltijdbanen tot 2020. De daling is het gevolg van verder afnemende leerlingenaantallen, eerst in het primair onderwijs en later ook in het voortgezet onderwijs en in het mbo.

Banengroei in het hoger onderwijs 

In tegenstelling tot het primair, voortgezet en middelbaar onderwijs, verwacht UWV in het hoger onderwijs juist een banengroei de komende jaren. Tussen 2009 en 2013 steeg het aantal banen op hogescholen al met drieduizend, op universiteiten kwamen er zo’n duizend banen bij. Er zijn steeds meer studenten en er wordt tegenwoordig gemiddeld tot latere leeftijd deelgenomen aan het onderwijs dan voorheen. Bovendien kiezen jongeren vaker voor een hbo- of universitaire opleiding, in plaats van een mbo-opleiding. Hierdoor neemt de vraag naar docenten in het hoger onderwijs toe.

Kansen door oplopende lerarentekorten 

Ondanks een dalende werkgelegenheid zijn er in het onderwijs relatief veel vacatures. Tussen 2014 en 2017 verwacht UWV dat de vacaturemarkt met zeven procent groeit. Het personeelsbestand in het onderwijs is sterk vergrijsd, waardoor veel ouder onderwijspersoneel de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Voor scholen is het niet altijd gemakkelijk om deze vacatures in te vullen. Het primair onderwijs verwacht in 2017 al substantiële lerarentekorten. De uitstroom van ouder personeel wordt er niet gecompenseerd door de instroom, onder andere doordat het aantal afgestudeerde pabo-studenten terugloopt. In 2020 loopt het tekort vermoedelijk op tot vierduizend voltijdbanen. Vooral in de grote steden wordt een stijgende vraag naar onderwijskrachten verwacht.

Het voortgezet onderwijs kent nu al tekorten aan docenten exacte vakken, Nederlands en Engels. Dit biedt goede kansen voor afgestudeerden vanuit lerarenopleidingen. Op mbo-instellingen is het momenteel lastig om genoeg docenten techniek, rekenen, Nederlands en vreemde talen te vinden. Op hogescholen en universiteiten zijn geen aantoonbare personele tekorten. Toch ontstaan er door de toenemende werkgelegenheid meer vacatures. Dit biedt ook voor mensen van buiten de sector kansen om als docent aan de slag te gaan. 

Lees UWV sectorbeschrijving onderwijs.

Heeft u gevonden wat u zocht? Ja Nee, terug naar zoekresultaten

sluiten