Opzegtermijn

U zegt het arbeidscontract tegen het einde van de maand op. De opzegtermijn begint dan zodra uw werknemer de opzegging heeft ontvangen. Als u schriftelijk een andere afspraak over de opzegtermijn heeft gemaakt, dan geldt deze afspraak.

Lengte opzegtermijn

In de cao of de arbeidsovereenkomst staat hoelang de opzegtermijn is. Is er geen termijn vastgelegd? Dan geldt de wettelijke opzegtermijn. Hoe langer uw werknemer in dienst is geweest, hoe langer de wettelijke opzegtermijn is, namelijk:

  • minder dan 5 jaar in dienst: 1 maand opzegtermijn;
  • 5 tot 10 jaar in dienst: 2 maanden opzegtermijn;
  • 10 tot 15 jaar in dienst: 3 maanden opzegtermijn;
  • 15 jaar of langer in dienst: 4 maanden opzegtermijn.

Samen met uw werknemer kunt u schriftelijk een langere termijn afspreken. Een kortere termijn mag alleen als dat vastgelegd is in de cao.

Oudere werknemers

Voor oudere werknemers kan de opzegtermijn langer zijn. Was uw werknemer op 1 januari 1999 al in dienst bij u? En was uw werknemer toen 45 jaar of ouder? Dan wordt de opzegtermijn als volgt berekend:

  • 1 week voor elk vol dienstjaar tussen zijn 45e verjaardag en 1 januari 1999, met een maximum van 13 weken en daarbij opgeteld:
  • 1 week voor elk vol dienstjaar tussen zijn 18e verjaardag en 1 januari 1999, met een maximum van 13 weken.

Is de opzegtermijn op deze manier langer dan 4 maanden? Dan moet u rekening houden met die langere opzegtermijn. De opzegtermijn kan maximaal 26 weken zijn.

Een maand korting bij ontslagvergunning

U mag de wettelijke of contractuele opzegtermijn met 1 maand verkorten als u de ontslagvergunning van UWV heeft. Maar de opzegtermijn kan nooit korter zijn dan 1 maand. Dat kan alleen als dat in de cao staat.

Opzegverbod of ontslagverbod

U kunt een ontslagvergunning krijgen, ook al geldt er een opzegverbod of ontslagverbod. Dan kunt u uw werknemer niet ontslaan.