UWV - Werken aan perspectief

Hoogte van een vervolguitkering

De WAO kent 2 soorten uitkeringen. Een tijdelijke loondervingsuitkering en een vervolguitkering. Mensen die bij toekenning jonger zijn dan 33 jaar krijgen direct te maken met de vervolguitkering.

Hoe wordt mijn vervolguitkering berekend?

De vervolguitkering houdt voor een deel rekening met het vroegere loon. Daarom is hij (meestal) lager dan de loondervingsuitkering. De hoogte per dag is het uitkeringspercentage maal het vervolgdagloon.

Het vervolgdagloon is het wettelijk minimumloon plus een verhoging. De verhoging wordt in 3 stappen berekend:

  1. bereken het verschil tussen dagloon en minimumloon;
  2. neem de leeftijd op de eerste WAO-dag min 15, maal 2;
  3. de verhoging is het resultaat van stap 1 maal het percentage dat u vindt in stap 2.

Is het dagloon lager dan of gelijk aan het minimumloon? Dan is het vervolgdagloon gelijk aan het dagloon.

Voorbeeld
Op 1 oktober 2003 krijgt Ilse een WAO-uitkering. Ze is dan 31 jaar. Het minimumloon op dagbasis is dan € 58,38. Haar dagloon is € 100. Dagloon min minimumloon is € 41,62. Haar leeftijd op de eerste WAO-dag min 15 is 16, maal 2 is 32. De verhoging is 32% van € 41,62 is € 13,32. Het vervolgdagloon van Ilse is het minimumloon (€ 58,38) plus de aanvulling (€ 13,32) is € 71,70. 

Wilt u alles nog eens nalezen? Download dan de brochure Hoe zit dat met de WAO?

Inloggen:

Om de tekst van deze website voor te laten lezen heeft u minimaal Flash speler 8 nodig. Deze speler kunt u installeren via de website van Adobe.
U kunt ook de tekst op deze pagina als audiobestand (mp3) beluisteren.

Geen geluid?